Samen thuis in de bloemen

Gerwin en Jentina uit Apeldoorn zijn de eigenaars van transportbedrijf G. en J. Bouwman. Ze rijden bloemen en planten op Engeland en Frankrijk in een jonge Scania R520 V8. Truckstar ging mee en schreef een prachtig verhaal.

Het is maandag 9 maart en het chauffeurskoppel Gerwin (41) en Jentina (29) is net terug uit Liverpool. Eind maart is het daar Moederdag en dat feest kan niet zonder een bloemetje. En een extra weekendritje is geen probleem voor de Apeldoorners. Graag zelfs! Maar voor Jentina zal de komende week even wennen zijn. Ze rijdt al drieënhalf jaar samen met Gerwin en nu wil er iemand van Truckstar mee naar Zuid-Frankrijk. Voor haar betekent dat noodgedwongen thuis zitten, vier dagen lang. Ze zijn zes jaar samen, vertellen ze. Aan het begin van hun relatie zagen ze elkaar niet veel want Gerwin reed internationaal in de bloemen en was ook nog eigenaar van café Het Stekje in Uddel. Jentina werkte toen nog in een bakkerij. Ze vond het maar niets dat Gerwin de hele week van huis was maar toen ze een keer met Gerwin meereed, besloot hij haar voor de leeuwen te gooien. Op de ouderwetse manier leerde ze op eigen terrein een vrachtwagen besturen. Haar eerste echte rit, met een truck vol los gestorte potgrond, van Maastricht naar Eindhoven, beviel goed en Jentina haalde snel al haar papieren. Zo werden ze eigenrijders. De kroeg had Gerwin nog voor de crisis al van de hand gedaan, dus dat was geen probleem.


Onderweg in Frankrijk.

Veel geleerd

Overigens is een setje op de truck voor opdrachtgever Freshtrans uit De Kwakel geen unicum. Er rijden nog vijf koppels, allemaal charters, voor dit bedrijf. Maar Gerwin en Jentina zaten plotsklaps dag en nacht op elkaars lip. Gelukkig werkte het. Ze bedachten een strategie om het tempo hoog te houden: van plaats wisselen op kleine parkeerplaatsen, zodat er geen tijd verloren gaat. Hij zet de truck voor het dok, zij meldt de lading aan. “De fustbonnen en de overige administratie zijn echt mijn ding”, zegt Jentina. De kapitein op het ‘Scania-schip’ is Gerwin. “Hij kan echt woest rijden. Hij heeft me ontiegelijk veel geleerd”, lacht ze. “Op het juiste moment voet van het gas op tolwegen, de péages, uit laten rollen en met dertig kilometer per uur door het tolpoortje bijvoorbeeld.” Jentina werd vrijwel direct in het diepe gegooid: twaalf adressen Frankrijk, buffelen met bloemen. “Ik was zwaar oververmoeid, had het schuim op mijn mondhoeken staan”, zegt ze. “Ik dacht eerst: dit gaat niets worden.” Maar Jentina kwam, zag en overwon. Gerwin: “Ze is een pittige tante hoor. Sommigen mannen vinden hit werkt al zwaar, maar zij rijdt zó tien uur per dag. Bloemen rijden is ook de zwaarste tak van transport. Het is trappen en jagen. ’s Nachts rijden we gewoon door.” Jentina: “Soms zit hij wel op hete kolen: gas erop, is het dan!” Even goed is het ‘samen uit, samen thuis’. “Mocht hij ooit stoppen met rijden, dan stop ik ook”, zegt ze. “Ik vind het voor een vrouw te onveilig om internationaal te rijden.” Maar Gerwin zou ook niet meer zonder Jentina willen. “Met zijn tweeën durf ik het aan. In je eentje is er met die rijtijdenwet geen droog brood meer te verdienen in de bloemen. Met zijn tweeën kun je kilometers maken. Je moet in dertig uur negen uur rust maken.”
In het bloemen- en plantentransport rijden niet veel vrouwen. De blonde chauffeuse voelt zich dan ook niet altijd serieus genomen, al gooit ze soms haar charmes in de strijd om tijd te winnen. Een donkere Engelsman weigerde ooit Gerwins bloemkolen aan te nemen omdat hij in hem, met zijn kale schedel, oorbellen, getatoeëerde armen en zwarte jack, klaarblijkelijk een racist zag. Jentina mocht gelukkig wel lossen.

"SOMMIGE MANNEN VINDEN DIT WERK AL ZWAAR, MAAR ZIJ RIJDT ZÓ TIEN UUR PER DAG"

Dubbel bemand

Op de dag van ons vertrek doet Jentina nog wat papierwerk; het laden van de karren bloemen en planten in Rijnsburg en Honselersdijk laat ze aan Gerwin over. Iets na achten koersen we richting Antwerpen in de Scania R520 V8. Gerwin betitelt zich meer als een 'Volvo-man'. Hij vond de cabine van de nieuwe Volvo FH16 echter wat ongelukkig gebouwd met dat noodluik en zo. "Daar kan toch nooit een chauffeur door", grapt hij. "Deze Scania heeft een grotere cabiene en dat heb je op een dubbel bemande truck echt nodig. Die van Volvo is veel kleiner. Ook vond ik het Euro 6-verhaal van Volvo niet helemaal waterdicht. Deze Scania is met Euro 6 en het LZV-verhaal klaar voor de toekomst", stelt hij. "Voor mijn Code 95 volg ik de LZV-cursus. Een metalen dak vond ik ook belangrijk. Het dak van DAF is van polyester, dat spat uit elkaar als je crasht."
En zijn achtcilinder blijf geld waard, weet Gerwin. Mochten hij en Jentina er ooit mee stoppen, dan denkt hij nog genoeg te vangen voor deze truck. Gerwin heeft goed nagedacht over zijn tweeassige trekker met lang chassis. Hij overwoog een drieasser te kopen, maar een tankje van 700 liter zag hij niet zitten.
Door het langere chassis heeft hij nu een dieseltank met een inhoud van 1.200 liter. Nog altijd minder dan 1.500 liter, dus hier heeft hij ook geen ADR-certificaat voor nodig. "Op de vooras zit standaard bladvering, maar ik heb voor luchtvering gekozen. De vooras moet omhoog kunnen. Je rijdt je bumper niet kapot en je slaapt beter als de ander rijdt. Als Jentina in België of door Parijs rijdt, slaap ik hoe dan ook niet door de slechte wegen. Het stuitert en klappert. Als je over een brug rijdt, kom je met de vooras van de grond." Dat belooft nog wat als ik in België wat slaapuren wil pakken voor de lange nacht.
Op sommige stukken voel ik me net een kat in een wasmachine. Gelukkig heeft het bovenbed een vangnet, want anders had hij mij tegen de voorruit gekregen. Ondanks de luchtgeveerde vooras komt van slapen niets terecht. "Bij Lille zijn de wegen slecht. En Parijs mag dan de lichtstad zijn, de wegen zijn er slecht verlicht en zitten vol gaten", weet Gerwin uit ervaring.

Dit verhaal kunt u ook lezen in het
Truckstar nummer 5 van 2015.

Tandje terug

Voor het lange nachtelijke stuk naar Toulouse, in het diepe zuiden van Frankrijk, wisselen we van plek. Gerwin is achterin zo vertrokken naar dromenland. De V8 rijdt als een trein. Het is kinderspel om de vele andere vrachtwagens in te halen. De lading bloemen weegt ook maar een ton of zeven. Een paar honderd kilometer voor Toulouse fungeer ik als wekker als ik vergeet een tandje terug te schakelen op wat een voorproefje is van de Pyreneeën. “Als er wordt geremd of we gaan langzamer rijden, word ik altijd wakker”, verklaart Gerwin.
De handgeschakelde bak is een bewuste keuze. Gerwin voelt zich zo toch een beetje chauffeur: rijden op eigen inzicht en roeren maar met die pook. Hij merkt dat veel collega’s het schakelen zijn verleerd.  Reed hij een keer dubbel bemand met een andere collega, moest hij steeds ‘koppeling intrappen’ roepen. Toen ze bij Scania zeiden dat een automaat onderhoudsgevoelig is en hij om die reden jaarlijks één keer naar de werkplaats zou moeten, was hij om. En flexibel zijn is ook wat waard. Met een handbak is het ook beter rijden op de gladde wegen zoals in Noorwegen, vindt hij – mocht daar er ooit van komen.
Van storingsgevoelige elektronica is Gerwin geen fan, van toeters en bellen ook niet. Hij heeft liever extra pk’s, daar heb je meer aan in dit werk dan aan mooie lampen. De goudgele en rode kleur had hij ook op zijn vorige Scania R500. Op de nieuwe truck prijken de namen van Gerwins kinderen uit een eerder huwelijk: Romy (16) en Keona (12). Voor de kinderen zijn Gerwin en Jentina af en toe nog een weekend thuis. Samen nog een kind willen ze niet. Is ook onmogelijk in dit werk, weten ze.
Gerwin koerst de truck naar het depot van Freshtrans in Toulouse. De Nederlander Ronald Winters is hier de chef. Hij woont al twaalf jaar in Montauban. Ronald reed 22 jaar internationaal, maar werd het vele wachten zat. “Toen ik depot chef kon worden, greep ik die kans met beide handen aan.” Ze lossen de karren en laden een pallet voor een speciaalzaak in Noé, één van de volgende adressen.
In Toulouse lossen we twee karren op een markt. Gerwin betaalt een tientje uit eigen zak om binnen te komen. “Ja, dat zit bij de kilometerprijs in”, lacht hij. Het verderop gelegen Noé is een pittoresk oud dorpje. Gerwin kan maar net de bocht maken in het krappe straatje waar de bloemenzaak zit. Hij blokkeert ineens het halve dorp. “Mais quoi alors?” roept de winkeleigenaar verbaasd uit. Ja, normaal brengt een klein busje zijn bloemen. De dorpelingen kijken toe hoe Gerwin de ‘poid lourd’ achteruit rijdt langs de bakstenen gevels. De dozen tillen we één voor één de winkel binnen. Maar dat is geen ramp. Er schijnt een heerlijk voorjaarszonnetje en ook verder is het prima toeven in dit dorpje.
En dan volgt het toeristische hoogtepuntje van de reis. We houden Lourdes aan en rijden door de Pyreneeën met links en rechts besneeuwde bergtoppen. In Billère lost Gerwin de laatste karren van deze dinsdag bij een bloemenzaak langs een drukke weg. Het is hard werken voor Gerwin en – normaal gesproken – zijn vrouw.
Het is ook oppassen geblazen voor de eigenrijder. Een kar bloemen kost zo  600, een orchidee € 17. Laatst had Gerwin 18 euro schade. Die tikt ie zo af.
De nacht brengen we door bij een Routiers in Saint-Gaudens. We zijn de enige gasten en dat laat de eigenaar merken ook. We moeten lang wachten en de glazen worden niet bijgevuld. We verlaten deze gezelligheid rond 21.00 uur om ons bedje op te zoeken. De truck staat onder een heldere sterrenhemel voor een oude silo en naast een kabbelend beekje. Heel iets anders dan de hobbelwegen rond Lille. De slaap is zo gevat. Om 03.45 uur word ik wakker van de blazende V8. We zijn onderweg naar Plaisance-du-Tousch, waar Gerwin voor 07.00 uur moet lossen. Het lege fust gaat naar het depot in Toulouse en dan begint het terugladen. In deze streek, waar het vol staat met fruitbomen, laad je appels, abrikozen of… wijn.

"DE DORPELINGEN KIJKEN NIEUWSGIERIG TOE HOE GERWIN DE POID LOURD ACHTERUIT RIJDT"

Gierende banden

Het eerste teruglaadadres is een appelboer in Port-Sainte-Marie. De zes pallets zitten er zo in. Om 12.00 rijden we Montauban binnen. Die acht pallets appelen moeten toch ook zo geladen zijn, zou je denken. Maar als de verlader roept dat het pas om 18.00 uur klaar is, blijft Gerwin kalm. “Ik dacht dat het laden was vanaf 10.00 uur,” mompelt hij. “Dan maken we hier onze negen uur maar”.
Tijdens het lange wachten appt Jentina Gerwin dat ze zich stierlijk verveelt thuis. “Ze kan niet wachten tot we terug zijn. Met gierende banden komt ze naar Aalsmeer”, lacht Gerwin. Een verklaring voor de verveling? “Hobby’s hebben we beiden geen tijd voor. Ik had een motor, maar die heb ik total loss gereden. We zijn blij als we samen thuis zijn. Dan is het even televisie kijken en lekker op de bank zitten. Ik merk pas hoe hectisch ons leven is als we op vakantie zijn. De derde dag ben ik vaak beroerd, tot kotsen toe, omdat mijn lichaam dan ineens tot rust komt.”
Bloemen rijden is ook niet voor iedereen weggelegd, weet Gerwin. Hij zag een bedrijf dat bloemen reed uitgroeien tot zeventig collega’s, maar ook weer krimpen.
“Je heb altijd haast. Iedereen belt je en wil zijn handel vroeg hebben. De klant kan de bloemen dan een dag langer op tafel laten staan. Het is een sport om tijdverlies binnen perken te houden. Gaan met die banaan. Ik vind het juist mooi als we wekelijks twee ritjes kunnen maken. Vijfduizend kilometer of zo. Een lange rit en een korter ritje. Dat lukt vaak. Het is allemaal goed geregeld bij Freshtrans, ook met de retourvrachten. Je moet hard werken, maar kunt als eigenrijder wel iets verdienen.”
En soms heb je mazzel dat je bloemen bezorgt voor een heel bijzondere gelegenheid; dan maak je iets speciaals mee. Zo leverde een collega vorig jaar de bloemen voor het huwelijk van Kim Kardashian en Kanye West in Florence af.

Geen appels

De appelboer woont naast zijn bedrijf. Gerwin roept hem iets voor negenen. Het duurt een kwartier voordat hij komt laden. “Waar denk je dat de uitdrukking met de Franse slag vandaan komt?” vraagt Gerwin. “Tussen 12.00 en 14.00 uur lossen ze je hier ook niet hoor. Ze zitten dan allemaal te eten. Om die reden staan op onze Franse depots Nederlanders aan het roer. Een Fransoos heeft niets met bloemen, die wil op zijn gemak kunnen eten.”
Dan begint de nachtelijke terugreis. Het is ruim 950 kilometer naar ons losadres in het Belgische Hever. We wisselen elkaar weer af. “Tussen 00.00 en 04.00 rust je op zijn best. De ene keer pak ik die uren, de andere keer Jentina. Je moet er tegen kunnen. Overdag kan het hier stikheet zijn. Als je dan niet kunt slapen, heb je het ’s nachts heel slecht. We spreken altijd af: ben je moe? Maak dan de ander wakker om te wisselen.” De rit verloopt voorspoedig. In Parijs vangen we een glimp op van de Eiffeltoren. Het zonnetje komt op in België. Daar verliezen we aardig wat tijd door files. Het is chaos rondom Brussel door meerdere ongelukken. Vervolgens krijgt Gerwin in Hever doodleuk te horen dat het bedrijf geen appels heeft besteld. Gerwin belt Freshtrans; binnen een half uur mag hij lossen. De kwaliteitscontroleur pakt meerdere appels van de pallets en wikt en weegt. Hij controleert ze op beestjes, plekken en sapgehalte en is tevreden. Om 12.30 uur zijn we in Breda op ons laatste losadres en dan is het leeg op naar De Kwakel. Daar komt de immens blije Jentina aangerend. Ze klimt in de truck en zoent Gerwin. Hij heeft goed nieuws voor haar. Vanavond om 23.30 uur vertrekken ze met een volle bak naar ‘la ville de l’amour’: Parijs. Als dat geen toeval is. Samen uit, samen thuis.


Freshtrans depot in Frankrijk.


Jentina weer achter het stuur!

G en J BOUWMAN
Beethovenlaan 38
7333 CD Apeldoorn (NL)

+31 (0)6 30 85 51 22
info@bouwmanapeldoorn.nl

CONTACTFORMULIER